Algemeen H. Geest en H. Hart    Fusie

Congregatie61.gif (4171 bytes)CSSp en H. Hart

 
Ontwikkelingen na de Fusie

De officiële titel van de gefuseerde congregatie werd: 

De Congregatie van de H. Geest
onder de bescherming
van het Onbevlekt Hart van Maria

onder de bescherming
van het Onbevlekt Hart van Maria

Toen Libermann zijn provisorische leefregel schreef voor zijn congregatie van het H. Hart van Maria was zijn doel "de evangelisatie van de meest verlaten zielen". Hij had er zelfs aan toegevoegd: "in missies en verre landen". Zijn bedoeling was slechts die leden in eigen land te houden die strikt noodzakelijk waren voor het opleiden van nieuwe leden voor de congregatie.

Die regel bleek niet strikt toepasbaar. Bij het zien van het gebrek aan goede opvoeders, leraren en leiders op seminaries kon Libermann het niet laten ook daar mensen voor in te zetten. Hij kwam op dit idee toen hij in aanraking kwam met de situatie van de opleiding van Duitse priesters. Hij wilde daar iets aan doen in Straatsburg. Hij zei hierover: "Ik wil mezelf nuttig maken door te helpen bij de vorming van heilige priesters". Door omstandigheden kon dit project geen doorgang vinden. Toch moet hij er vaak over gesproken hebben, want ook na zijn dood komt dit idee regelmatig terug.

Beslissingen moeten steeds opnieuw gemaakt worden in het leven. Zo schreef Libermann al in 1848: "De leefregel zegt niet dat we ons  bezig moeten houden met de opvoeding van de jeugd. Toch zitten we in een situatie dat we waarschijnlijk wel niet anders kunnen dan de opvoeding van de jeugd op ons te nemen."

Inderdaad was het doel van de congregatie de zorg van de meest verlaten "zielen". Gedurende zijn reizen door Frankrijk kwam Libermann er achter, dat er daar ook heel wat van waren in Frankrijk zelf. Hij dacht dan aan zeelieden, soldaten, gevangenen, bedelaars, dwangarbeiders en ook zelfs aan de gewone arbeiders. Deze groeperingen vielen meestal buiten bereik van de parochie activiteiten. Libermann schreef hierover aan Le Vavasseur: "Deze werken zijn niet tegen de doelstellingen van de congregatie zoals die beschreven staan in de leefregel. Inderdaad hebben we er niet aan gedacht toen we begonnen, maar dat bewijst nog niet dat God het niet wil".

In de ogen van Libermann was werken onder de armen niet beperkt tot catechese, godsdienstonderricht. Hij verstond er ook onder "de opleiding in de profane wetenschappen en de verbetering van de materiële omstandigheden."

Terug naar het begin van de bladzijde.