In Memoriam Toon van Lankveld

Zaterdagmorgen 28 februari 2015 werd ik om 03.15 uur door de nachtzuster gebeld, die me vertelde dat pater Toon van Lankveld was overleden. Alhoewel Toon zich al enkele dagen niet goed voelde, kwam zijn heengaan voor ons toch nog tamelijk onverwacht. Op 11 februari had hij nog zijn 88-ste verjaardag gevierd bij zijn familie in Boekel, maar daarna ging het met zijn gezondheid bergafwaarts.

 

 

Toon werd geboren op 11 februari 1927 in Uden als tweede van tien kinderen. In 1943 meldde Toon zich aan bij ons kleinseminarie in Weert. Hij was toen met zijn 16 jaar al een wat oudere knaap tussen zijn veel jongere klasgenoten. Toon had eerst de landbouwschool doorlopen en daarna wist hij wat hij wilde, missionaris worden. Misschien was hij wel gemotiveerd door de vele missionarissen uit zijn dorp. Boekel was een plaats met veel roepingen voor het religieuze leven. Meerderen van hen behoorden tot onze Congregatie van de Heilige Geest. 

 

Na het kleinseminarie doorlopen te hebben, werd hij in 1950 toegelaten tot het noviciaat in Gennep. Na dit voorbereidingsjaar op het religieuze leven legde hij op 7 september 1951 zijn eerste geloften af. Hierna begon hij de hogere studies op het grootseminarie in Gemert. Hij ontving uit handen van Mgr. Hamer, een missiebisschop, de priesterwijding. In het laatste jaar van zijn studies had Toon al aan zijn overste kenbaar gemaakt, dat hij uitgezonden zou willen worden naar Tefé, in het Amazonegebied van Brazilië. Op 1 juli 1957 kreeg Toon wel de benoeming voor Brazilië, maar niet voor Tefé. Hij werd naar Manaus gestuurd, de hoofdstad van Amazonas. Hij heeft daar enkele jaren gewerkt in de parochie van Sao Raimundo. Toon, een sterke boerenzoon, kreeg hier echter een zware  leveraandoening, misschien wel door het slechte water. Het zware klimaat van Manaus bedreigde op een ernstige manier zijn gezondheid. Na een paar jaar was hij genoodzaakt om naar Zuid Brazilië te verhuizen, waar het klimaat veel gunstiger was.

 

Hij kwam in Teresópolis terecht, in de buurt van Rio de Janeiro,  waar ondertussen een noviciaat was opgezet voor Braziliaanse studenten. Het was een plaats in de bergen en met een veel beter klimaat. Naast de enkele lessen die hij gaf, heeft Toon daar ook rond het huis zijn kennis van de landbouw te nutte kunnen maken en het ging daar ook weer goed met zijn gezondheid.

 

Na een kort verblijf daar in Teresópolis werd Toon aangezocht om in Divinópolis, dicht bij Belo Horizonte, het nieuwe grootseminarie te bouwen. Ook daar heeft hij zich in vele functies verdienstelijk gemaakt, vooral als econoom. Na zeven jaar moest hij echter het seminarie dat hij gebouwd had weer verkopen vanwege een roepingencrisis.  Hij had ook een goede administratieve kijk op zaken en dat kwam vaak goed van pas. Misschien werd hij na een paar jaar juist daarom gevraagd om de leiding van het College Paulus VI in de Don Bosco parochie in Belo Horizonte op zich te nemen. Een groot college in een arme wijk draaiende  houden was geen gemakkelijke klus, maar Toon kreeg het klaar en heeft dat met heel veel toewijding gedaan. Naast zijn werk op het college werkte hij ook in de parochie. Toon onderhield een goede verstandhouding met het personeel van het college en de mensen van de parochie. Hij had voor zichzelf niet veel nodig, kleedde zich eenvoudig en had, zoals de eenvoudige mensen, meestal  teenslippers aan zijn voeten. Die eenvoud straalde hij ook uit. In januari 1979 werd hij gekozen tot principaal overste van het district van Centraal Brazilië. Deze functie vervulde hij vier periodes, d.w.z in totaal twaalf jaar. Uitzonderlijk lang, waarschijnlijk omdat er geen andere kandidaten voorhanden waren. In die tijd bezat het district nog vele Nederlandse medebroeders, verspreid over een groot gebied, die hij regelmatig bezocht. Het was geen gemakkelijke taak, allemaal mensen met hun eigen karakter, maar Toon wist zo goed als het kon de harmonie te bewaren.

 

In Brazilië is een spreekwoord dat zegt: “om iemand goed te kennen moet je samen een baal zout eten” en dat duurt dus lang, want zout gebruik je maar heel weinig. Met Toon had je geen baal nodig, maar toch wel de nodige tijd, want hij had een eigen uitgesproken mening over godsdienst, kerk en samenleving, en dat gepaard aan een zekere koppigheid.  Maar als hij zag dat je zijn hulp nodig had, dan kon je rekenen op zijn volledige steun. De meeste tijd was hij econoom en principaal overste tegelijk. Toon toonde zich onvermoeibaar in het vervullen van zijn taken. Na de bestuursperiode van twaalf jaar, of misschien wel tijdens die periode,  was hij nog pastoor in verschillende parochies rond Belo Horizonte. In zijn tijd gingen de Don Bosco parochie en het college over naar het aartsbisdom, zonder geldelijke afhandeling, en werd er ter vervanging een huis gekocht in de wijk als districtshuis. Toon bleef assistentie verlenen, ook nu de parochie door de diocesane priesters werd bediend.

 

Op 15 juli 2006 werd in de parochie zijn gouden priesterfeest groots gevierd en op de uitnodiging stond: ‘wij willen samen de eucharistie vieren in een teken van grote dankbaarheid jegens God voor de aanwezigheid van Pater Antônio hier in ons midden’.  Hij was toen negen en zeventig jaar oud en zijn gezondheid was ondertussen  niet optimaal meer, hartklachten enz. Hij lag verschillende keren in het ziekenhuis en zijn toestand werd zo ernstig dat we dachten deze keer komt hij er niet bovenop. Uiteindelijk knapte hij weer op, maar men adviseerde hem toch om naar Nederland terug te gaan. Daar was hij het helemaal niet mee eens, hij wilde in Brazilië blijven en desnoods daar sterven.

 

Hij kwam drie jaar geleden toch terug naar Nederland, omdat men hem de zorg die hij nodig had daar niet kon geven. Uiteindelijk heeft hij er zich bij neergelegd en het moet hem zwaar gevallen zijn dat hij, die alles zelf besliste in zijn leven, nu afhankelijk was van de zorg van anderen. Toon was geen moeilijk patiënt voor de verzorging, sprak nooit over zijn klachten en ongemakken en ontving graag een bezoekje. Zijn eerste vraag was altijd: “Hoe gaat het met jou?”

 

De jaren dat hij in Libermannhof verbleef, werd hij liefdevol verzorgd. Na zijn dood ontvingen we een condoleancekaart van de medebewoners en het verplegend personeel, waarin ze schreven: ‘Wij zijn dankbaar dat we pater van Lankveld hebben mogen verzorgen’.   Moge Toon nu van God de verdiende rust ontvangen voor al zijn zwoegen.

 

Op vrijdag 6 maart nemen we afscheid van deze dierbare medebroeder in een Eucharistieviering in de parochiekerk van St. Jan, Kerkstraat 4 in Gemert. De viering zal beginnen om 11 uur, waarna we Toon te rusten zullen leggen op ons kloosterkerkhof op het kasteel. Na de begrafenis is er een koffietafel in het restaurant ‘Bij Dientje’, Kerkstraat 9. Parkeergelegenheid achter de kerk (bereikbaar vanaf de Rondweg) of op het Ridderplein.

                                                                                                                                                      Pater Bert van Tol CSSp

 

Fam. Van Lankveld                                         Congregatie van de Heilige Geest                                                                

Peelsehuis  8                                                  Spoorstraat 195 

5427 RJ BOEKEL                                             6591 GT GENNEP

Overleden Jos van Vegchel
Jan de Wit
Ga naar boven